
De eerste wintertest van MotoGP in Sepang zit erop en laat meteen zien dat het seizoen 2026 een stuk minder voorspelbaar zou kunnen worden dan de afgelopen jaren. Ducati blijft snel, maar Honda, Aprilia en KTM laten zich nadrukkelijk zien, terwijl Yamaha een wisselvallige test beleeft.
De eerste officiële testdag begon met twee sessies waarin meteen duidelijk werd dat Ducati niet langer vanzelfsprekend dominant is. In de ochtendsessie zette Alex Marquez de toon, maar later op de dag nam zijn broer Marc Marquez het stokje over met de snelste tijd van de dag.
Honda maakte direct indruk met sterke rondetijden van Luca Marini en Joan Mir, terwijl ook Aprilia en KTM zich structureel in de voorhoede meldden. Het veld zat opvallend dicht bij elkaar, wat wijst op een mogelijke verschuiving in de krachtsverhoudingen.
Fabio Quartararo, die de dag als negende afsloot, kwam ’s middags ten val in bocht 5. Daarbij liep hij een gebroken vinger op. Hoewel het geen bijzonder zware en een relatief veelvoorkomende blessure was, moest de Yamaha-rijder de rest van de test uitzitten.
Op de tweede testdag was het Joan Mir die de snelste tijd noteerde. De Honda-coureur dook als enige onder de 1:57 en bevestigde daarmee dat het Japanse merk een duidelijke stap heeft gezet richting het nieuwe seizoen.
Achter Mir eindigden VR46-rijders Franco Morbidelli en Fabio Di Giannantonio, waarmee Ducati via het satellietteam sterk vertegenwoordigd bleef. Pedro Acosta herstelde zich na een lastige eerste dag en sloot af op de vierde plaats.
Yamaha beleefde een moeilijke dag door een motorprobleem dat het testprogramma grotendeels stillegt. Teammanager Massimo Meregalli liet weten dat het om een veiligheidskwestie ging en dat de oorzaak eerst volledig onderzocht moest worden. Volgens Yamaha was ongeveer tachtig procent van het geplande testprogramma al afgerond.
Op de slotdag namen de Ducati-rijders opnieuw het initiatief. Alex Marquez zette de snelste tijd van de test neer en bleef daarmee een grote groep fabrieksteams voor. Ook Marc Marquez en Francesco Bagnaia zaten opnieuw in de top, terwijl Aprilia, KTM en Honda competitief bleven.
De derde dag werd net als de eerste twee gesplitst in twee sessies, waarbij teams bijna acht uur aan tracktime kregen om set-ups te testen en longruns te rijden. Hoewel Ducati de boventoon voerde, lieten meerdere fabrikanten zien dat het verschil kleiner lijkt dan in voorgaande seizoenen.




