Waar de Netflix docu Drive to Survive in seizoen één wel veel aandacht schonk aan de vete tussen Red Bull en Renault, kwam de ruzie tussen Haas en de Fransen een stuk minder aan de orde. Een voorspelling voor seizoen twee: Daar zal de strijd tussen de Amerikaanse renstal en het Franse fabrieksteam hoogstwaarschijnlijk uitgebreid aan bod komen, aangezien het moddergooien over en weer nog lang niet af is gelopen.
Cyril Abiteboul maakte in Bahrein gebruik van de persconferentie om te benadrukken dat B-teams slecht zijn voor de sport, aangezien een team als Renault zo moet vechten tegen het A-team en tegelijkertijd ook tegen het B-team: De budgets van de samenwerkende teams zou immers bij elkaar op één hoop gegooid worden.
In een poging het voordeel van B-teams weg te halen, suggereerde Renault om de verkoop van rem-inlaten te verbieden vanaf 2020: Een plan dat door de Strategy Group en de F1 Commissie goed werd gekeurd. Haas-teambaas Guenther Steiner baalt, maar gaat direct over tot Renault aanvallen in plaats van verdedigen.
“Als zij beter hun werk zouden doen, zou er geen probleem zijn. Ze hebben het zelf in de hand”, reageert Steiner op de vraag van Autosport of er meer problemen tussen Haas en Renault zijn. “Ze hebben het probleem zelf gecreëerd door te veel geld uit te geven en te weinig te presteren. In plaats van onze prestaties naar beneden te trekken, zouden ze harder hun best moeten doen om hun eigen prestatie te verbeteren. Het lukt hen namelijk niet om dichter in de buurt te komen van de top.”
“De belangrijkste vraag is of hun verdienmodel wel werkt in de Formule 1. Want wat is het verschil tussen ons team dat niet wint en hun team dat ook niet wint? Dat verdienmodel is hun probleem niet en wij die niet winnen is ook hun probleem niet. Zij balen gewoon dat hij beter presteren en gebruiken ‘wij kunnen niet winnen’ als excuus.”
Mocht het voorgestelde plan van Renault om de rem-inlaat niet te mogen verkopen ook door de FIA goed worden gekeurd, dan zal dat volgens Steiner geen grote consequenties hebben.”
“We moeten alleen wat meer geld uitgeven en wat meer personeel op het werk zetten. Het is werk dat we liever niet zelf zouden doen, maar dan zou het gewoon moeten. Er zijn grotere zaken om ons druk over te maken, dus ik zal er niet minder van slapen. Zeker niet als ik kijk naar waar wij nu staan en waar Renault staat.”